gedicht van Hans van Druten
Hya sin



'k zondig voortdurend
wijl ik bloemwillig
aan jouw lippen lik

graag zou 'k bloemen
op jouw hart
zoveel smart weg boenen

jij steelt mij
bloembollen nooit meer
spruiten, binnen noch buiten

gaan wij naar de keukenhof
zondigen wij daar
over alle tulpen

dwarrel ik slechts
door jouw fulpen
jij mij slikt en beeft

of andersom beleefd