Hya sin
'k zondig voortdurend
wijl ik bloemwillig
aan jouw lippen lik
graag zou 'k bloemen
op jouw hart
zoveel smart weg boenen
jij steelt mij
bloembollen nooit meer
spruiten, binnen noch buiten
gaan wij naar de keukenhof
zondigen wij daar
over alle tulpen
dwarrel ik slechts
door jouw fulpen
jij mij slikt en beeft
of andersom beleefd